Concreet iets doen voor de homeopathie

Mijns inziens is het nu het juiste moment om met meerdere mensen , op verscheidene vlakken, wat concreter bezig te gaan zijn met het zorgen voor een basale plek voor de homeopathie binnen de gezondheidszorg in Nederland. De handen uit de mouwen steken in plaats van alleen maar praten. `Poetsen en niet lullen` luidt een oud Brabants gezegde.

Waarom nu het juiste moment?
In de eerste plaats omdat de homeopathische praktijken in Nederland nog steeds onder druk staan van omgevingsruis. In menig tijdschrift over homeopathie vraagt men zich af: `Zit de klad er in de homeopathie`? Menig collega heeft zijn praktijk gesloten. De VHAN telt minder leden als een tiental jaren terug. De Akademie`s voor Natuurgeneeskunde - op een ervan geef ik ook les als docent - kennen veel minder toeloop van nieuwe studenten homeopathie als vele jaren terug. De artsen opleiding voor homeopathie heeft opgehouden te bestaan.
De jaren zeventig en tachtig waren hoogtij-jaren voor de homeopathie. Toen was heel de gezondheidszorg meer in beweging: `Wie is van hout`, een boek van Foudraine,  was een kritische kijk op de psychiatrie; de huisartsengeneeskunde was op de totale leefsituatie van de mens gericht; op verschillende plekken in het land waren drempelloze Gezondheidswinkels verschenen. In een ervan , de bekende Arnhemse wijk Klarendal,  heb ik ook nog als arts-vrijwilliger gewerkt. Er werden daar door wijkbewoners veel vragen gesteld over bijwerkingen van reguliere middelen en over alternatieve geneeswijzen. Als huisarts , begin jaren tachtig,  kreeg ik mensen steeds vaker terug op mijn spreekuur, omdat ze niet genazen van hun kwalen, maar er ondanks de geneesmiddelenkuren weer nieuwe klachten bij kregen. Dat was voor mij reden om in 1980 homeopathie te gaan studeren. Immers ik was dokter geworden om mensen daadwerkelijk en efficient te genezen op een manier, die het organisme in ieder geval niet zou moeten schaden, en dat kon ik op deze reguliere manier onvoldoende of niet. Met mij waren er meer artsen die er zo over dachten en de praktijken homeopathie groeiden als paddestoelen de grond uit. Er kwam een echte opleiding voor homeopathische artsen in Wageningen.

Langzamerhand keerde het tij. De gezondheidszorg, en met name de huisartsengeneeskunde  werd weer materialistischer van aanpak als voorheen. In de farmaceutische industrie ging het echt om het grote geld; er kwamen producten op de markt, gestoeld op en aangeprezen door dubieuze onderzoeksrapporten. Een Vereniging tegen Kwakzalverij stelde zich op als een moderne inquisitiepartij, en zelfs de KMNG is nu zover dat men laat nagaan onder haar leden, of alternatief werkende artsen nog wel lid mogen blijven van die club.

Ook de media lieten zich niet onbetuigd. De Sylvia Millecam-casus werd breed uitgemeten in allerlei praatprogramma`s, tijdschriften en dagbladen. Alsof de homeopathie en andere alternatieve geneeswijzen niks goeds meer te bieden hadden. Een en ander resulteerde in een terugloop van patienten.
Onlangs zag ik de veelbelovende start van `Uitgedokterd`, een programma van de NCRV, over patienten met vooral chronische klachten, die het alternatieve circuit opzochten , omdat ze geen resultaat zagen van hun eerdere reguliere behandeling. Een en ander werd redelijk zakelijk en feitelijk, maar ook integer gebracht, zonder te verzanden in zweverigheid en onduidelijkheid. Vol verwachting schoof ik aan om het slotdebat te zien, waarin de complementaire positie van alternatieve geneeswijzen ten opzichte van de reguliere geneeswijze aan de orde zou komen. Immers ikzelf voel me ook een echte bruggenbouwer tussen de homeopathie en de reguliere geneeskunde. In mijn boek `Totaalvisie op ziekte en gezondheid` ,uit 2002 , brak ik al een lans voor een situatie, waarin de reguliere geneeskunde en de homeopathie naast elkaar zouden kunnen bestaan, met respect voor elkaars sterke kanten. Voor de reguliere geneeskunde ligt de kracht in de aanpak van acute levensbedreigende situaties; die van de homeopathie in de aanpak van vooral de chronische ziekten .
Maar wat schetste mijn verbazing bij dat slotdebat: er heerste vanaf het begin vanaf de reguliere kant, bemand door drie artsen, die zich erg vooroordelend en nauwdenkend uitlieten over met name homeopathie, een weinig open sfeer. Een erg zelfingenomen professor in de neurologie kreeg mijns inziens wel erg veel speelruimte om zijn ongenuanceerdheid ten toon te spreiden Als ook regulier opgeleid arts, en in die hoedanigheid ook werkend, zij het part-time, als arts jeugdgezondheidszorg, naast mijn praktijk homeopathie, kreeg ik een plaatsvervangende schaamte. Ik kreeg het gevoel dat er geen enkele rek was om naar homeopathie of andere alternatieve geneeswijzen te willen luisteren of kijken.
Mijn VHAN-collega Ton Nicolai , die zijn statements goed voor het voetlicht bracht, had m.i. gerust de gespreksleidster mogen vragen, of zij er beter op zou willen toezien,  dat het gesprek met respect voor elkaars standpunten verder gevoerd zou gaan worden. Maar wij als homeopathische artsen houden ons vaak in omdat onze positie in de gezondheidszorg toch al een kwetsbare is. Logisch want we zijn als zodanig minder beschermd. Toch zouden we steviger onze meningen naar buiten toe mogen formuleren, zonder terughoudendheid, met de wetenschap, dat we vanuit een jarenlange praktijkervaring weten, dat en hoe homeopathische geneesmiddelen genezend kunnen werken.

Bruggenbouwen tussen de reguliere geneeskunde en de homeopathie. Wat zou het fijn en natuurlijk zijn als er daadwerkelijk een brug gebouwd werd waarbij de liefde van twee kanten komt. Spijtig genoeg kunnen we die liefde blijkbaar onvoldoende verwachten van heel veel reguliere collegae, noch van politieke partijen, uitgezonderd wellicht van Groen Links.

Nee , we zullen het qua opbouwende aktie moeten hebben van de consumenten van de gezondheidszorg , de Nederlandse bevolking zelf; al die mensen die zelf al een keer aan den lijve hebben ondervonden wat de heilzame werking van homeopathie kan betekenen. Zovele patienten zijn er geholpen met homeopathie, en bij wie dat niet zo snel gelukt is, kwam dat misschien, omdat een homeopatisch behandelaar bijvoorbeeld niet het juiste middel voor hen kon vinden, of omdat de genezing niet snel genoeg ging, want soms heeft het lichaam ook meer tijd nodig om het zelfgenezend vermogen weer te kunnen laten reageren. Immers homeopathie is een schitterend maar ook moeilijk vak.

Wie zouden er allemaal daadwerkelijk mee kunnen helpen  om de homeopathie verder in de lift te helpen, en hoe? :

  • iedereen, die zijn of haar positieve ervaringen over homeopathie wil vertellen, waar dan ook .
    Patienten uit mijn eigen praktijk: u zou uw ervaringen over de behandeling kunnen beschrijven op de mail van mijn site. Die zou ik dan kunnen verzamelen en de genezingscasussen zouden dan als klinisch bewijs kunnen gelden, dat homeopathie werkt.
    Zo zouden ook alle patienten in Nederland dat kunnen rapporteren naar hun behandelende homeopaten.
  • mensen, die politieke acties naar Den Haag toe zouden willen organiseren, om een complementaire plek voor de homeopathie in het huidige gezondheidssysteem op te eisen, en een adequate plek en vergoeding in het zorgverzekeringsstelsel.
    Dat kan een handtekening-aktie zijn, het aanbieden van een petitie aan de minister van Volksgezondheid, het uitroepen van een jaarlijkse dag van de homeopathie of het organiseren van een mars voor de homeopathie, als een duidelijk signaal, dat er zeer velen in dit land positief staan t.o.v homeopathie.
  • bekende Nederlanders, die homeopathie als heilzaam hebben ervaren, en daar publiekelijk van zouden willen getuigen. Musici, acteurs, kunstenaars uit deze groep van ervaringsdeskundigen, die op manifestaties, of symposia, die gaan over homeopathie zouden willen optreden.
  • alle patienten in Nederland, die de homeopathie een warm hart toedragen, zouden zich massaal als lid aan kunnen melden bij de KVHN ( tel :020-6178308 of email: info@kvhn.nl, site: www.kvhn.nl), om als zodanig collectief een politiek sterkere positie te creeren.
  • advocaten , die ,voorlopig, vrijwillig en kosteloos processen aan zouden willen spannen namens homeopathische behandelaars , individueel of namens de VHAN,  KVHN of NVKH  tegen bijv. de Ver. tegen Kwakzalverij of tegen wie dan ook die verwerpelijke, in onze ogen onjuiste en ongenuanceerde uitspraken doet over homeopathie.
  • dagblad-, tijdschrift-, en wetenschapsjournalisten, die belangeloos zouden willen schrijven over homeopathie, wetenschap en de belemmeringen binnen de reguliere artsenwereld en de politiek , waardoor een logische implementatie van de homeopathie in het totale gezondheidszorgstelsel niet van de grond komt, en die onderzoek willen doen naar de handel en wandel van een Vereniging tegen Kwakzalverij en de rol van de farmaceutische industrie.
  • filmmakers, die vrijwillig en met zo min mogelijk kosten documentaires zouden willen maken over de homeopathie,  de positie van de homeopathie in landen buiten Nederland etc. Zelf zou ik heel graag in contact komen , en willen samenwerken met een film- of documentairemaker, over een mogelijke film over het leven van Hahnemann, de grondlegger van de homeopathie.
  • natuurkundigen, kwantumfysici, die bereid zouden zijn wetenschappelijk onderzoek te doen in Nederland naar een wetenschappelijke verklaring van de homeopathie.
  • uitgevers, of redactieleden van tijdschriften, die homeopaten ruim baan geven om over homeopathie te schrijven.
  • hoogleraren, docenten op Universiteiten , en binnen het HBO, die ook didactisch geschikte homeopatische artsen hun verhaal zouden willen laten doen aan studenten in de medicijnen of van andere takken van gezondheidszorg.
  • sponsoren, die bereid zouden zijn wetenschappelijk onderzoek binnen de homeopathie te subsidieren, of praktijken financieel zouden willen steunen.

Zij die zich in een van deze groepen vinden horen, zou ik willen uitnodigen zich te melden via mail info@janhoes.nl via de contact pagina.
Wie meldt zich om de trilling van de homeopathie verder te potentieren?
Ik zal dan kijken of ik een en ander zelf kan coordineren, of beter de regie over kan laten aan een van de al gevestigde, en hierboven genoemde belangengroepen.